Sociometrie

Om een zicht te krijgen op de structuur van een groep, maakt men soms gebruik van een sociometrie. Dit soort tests werd voor het eerst ontwikkeld door Joseph MORENO.

Aan de hand van een beperkt aantal eenvoudige vragen plaatst men de deelnemers van een groep voor de keuze en peilt men naar voorkeuren. Het gaat hierbij om vragen zoals: met wie uit de groep wil je het liefst een persoonlijke babbel hebben of naast wie uit de klas zou je graag zitten of nog: met wie zou je graag samenwerken bij een moeilijke opdracht …  In sommige tests  moet elke deelnemer één persoon aanduiden per vraag, in andere kan hij 2 of meer personen aanduiden en moet men eventueel een rangorde in de voorkeuren maken. Soms peilt men enkel naar positieve keuzes, soms ook naar negatieve keuzes.

Een sociometrie is dus een kwantitatieve methode om snel vast te stellen welke personen in de groep gewaardeerd worden en welke eerder genegeerd worden, wie populair is en wie niet. Eventueel kunnen zo ook sleutelfiguren ontdekt worden. Een sociometrie maakt het ook mogelijk om subgroepen op te sporen of de globale samenhang binnen de groep in kaart te brengen. Je krijgt ook een zicht op wederzijdse (reciproke) en éénzijdige aantrekkingskrachten tussen leden van de groep.